Saturday, April 12, 2008

Antwoord aan Walter Pauli

Antwoord aan de adjunct-hoofdredacteur van De Morgen, naar aanleiding van zijn editoriaal van 11 april 2008.

Toen ze achter Frank Vanhecke aangingen, heb ik hen nog wat aangespoord. Ik was immers geen racistische nationalist, maar een wat achterhaalde socialist.

Toen ze achter de moslims aangingen, heb ik getwijfeld om te protesteren, maar heb dan toch gezwegen. De rode partij telde dan misschien wel veel moslims, maar die moslims zeiden inderdaad hetzelfde als de blokkers. Ik kon hen immers niet verwijten te doen waartoe ik hen in het geval van Vanhecke had aangespoord.

Toen ze achter de liberalen aangingen, vond ik dat overdreven, want politiek incorrect zijn en racistisch is toch nog iets anders. Ik heb toch maar gezwegen. Stonden radicalisme en racisme niet op dezelfde lijst van de staatsveiligheid? Ik nam mij voor om voortaan enkel brave meningen te verkondigen en mijn hoofd niet meer boven het Vlaamse maïsveld te steken.

Toen ze achter mij aangingen – ze hadden immers een nuttige idioot nodig om een voorbeeld te stellen - was er niemand meer om mij te verdedigen.

Vrij naar Martin Niemöller

Het editoriaal:

Vanhecke

Het Belgische gerecht vraagt het Europees Parlement de opheffing van de onschendbaarheid van ex-VB-voorzitter Frank Vanhecke wegens een overtreding op de wet op het racisme en prompt haalt het VB zijn klassieke argument boven. Of het Bart De Bie is of Frank Vanhecke, telkens is het zogezegd een politiek proces.

Elke justitiële act tegen een VB'er is een complot, opgezet door dat per definitie partijdige want Belgische gerecht. Waarbij het VB er snel aan voorbijgaat dat datzelfde gerecht ook PS'er Laloux achtervolgt voor een paar liter benzine.

Wellicht heeft het gerecht een goede reden om Vanhecke aan pakken. De vraag is immers: wat deed Vanhecke als 'verantwoordelijke uitgever' op een lokaal VB-pamflet, waarvan hij de inhoud wellicht niet kende? Terwijl elke redactie van elk medium weet dat er met die 'titel' geen eer te halen valt. Verantwoordelijke uitgever is een functie waarvan je weet dat je er vroeg of laat mee met het gerecht in aanraking kunt komen.


Waarom maakt het VB dus zijn eigen voorzitter bij voorbaat extra kwetsbaar door hem op zoveel VB-publicaties als verantwoordelijke uitgever op te voeren? Waarom geen niet-mandataris ermee belasten? Wel, precies omdat Frank Vanhecke parlementair onschendbaar is.

Door de verantwoordelijke uitgever voor het gerecht nagenoeg ongrijpbaar te maken, werden bij uitbreiding zowat alle VB-publicaties 'onschendbaar', ongeacht de vuilspuiterij erin. En waarom Frank Vanhecke? Omdat hij Europees Parlementslid is, met een loggere procedure om de onschendbaarheid op te heffen dan het geval is voor Belgische parlementsleden.

De truc wordt trouwens ook door links toegepast. In de jaren tachtig was SP-europarlementslid Marijke Van Hemeldonck verantwoordelijke uitgever van het befaamde Haltfonds, dat de eerste anti-VB-boeken uitgaf. Nu doet het VB hetzelfde.

In zijn gespeelde verontwaardiging draait het VB natuurlijk de uitleg om en is het Vanhecke die 'gezocht' wordt. Mon oeil: het VB heeft bewust de naam van Vanhecke gebruikt als verantwoordelijke uitgever, ongetwijfeld na advies van de bevriende juristen. Omdat zo het risico van gerechtelijke vervolging tot het minimum beperkt wordt. Nu dat toch gebeurd is, klinkt bij het VB iets wat 'protestgehuil' moet voorstellen, maar wat eigenlijk het gejank is van een dier dat afdruipt met de staart tussen de benen.

Walter Pauli
Adjunct- hoofdredacteur

Tuesday, April 01, 2008

Belgische staat zet nieuwe aanval op de belastingbetaler in

In het heetst van de strijd om het land een regering te schenken werd enkele weken terug een maatregel goedgekeurd die een kritische belastingsverhoging betekent voor de middenklasse: voortaan is bij nieuwbouw ook op de grond en niet enkel op de woning BTW verschuldigd.

De BTW verplichting komt in plaats van de te betalen registratierechten, ten minste indien de deelstaten voor een vrijstelling zorgen. Echter is niet enkel het BTW-tarief (21%) veel hoger dan de registratierechten (10%). Bovendien werd het merendeel van die 10% registratierechten in veel gevallen niet betaald door het systeem van de meeneembaarheid, althans in Vlaanderen. Om nog maar te zwijgen over het feit dat deze maatregel in Noord-België veel duurder zal zijn dan in het Zuiden. Naar verluid zou de maatregel naar uitvoering van een Europees arrest zijn genomen, maar dit arrest dateert reeds van 2000 en voor iedereen is het dan ook duidelijk dat er net nu uitvoering aan wordt gegeven om geld in het laadje te brengen. Compensatoire maatregelen zoals de notionele interestaftrek, die een compensatie was voor het wegvallen van de regeling van de coördinatiecentra, hoefden dus niet.

Nu reeds vloeit de helft van de kostprijs van nieuwbouw naar de overheid. Het hoeft niet gezegd dat duurdere nieuwbouw veel potentiële kopers naar de huurmarkt en de markt voor oude gebouwen zal drijven, waardoor ook daar de prijzen zullen stijgen of minder zullen dalen dan anders.

Volgens Trends wordt in de wandelgangen overigens gefluisterd dat deze plotse invoering er komt na intensief gelobby van Mittal, waardoor het staalbedrijf goedkoper gronden zou kunnen saneren. Dit dankzij de ondoorgrondelijke wegen van de Belgische fiscale wetgeving.

De federale regering schijnt zich er plots van bewust dat ze op het randje van het bankroet staat. Tenzij natuurlijk de beproefde methode van het Belgique de papa wordt toegepast: een raid op de belastingbetaler. Die kruik gaat maar zo lang te water tot ze barst, en dat is wanneer de burger het écht beu is.

Naar algemene verwachting zal het komende jaar de internationale rente stijgen, waardoor de federale regering nog meer in ademnood zal komen door een nieuwe rentesneeuwbal. Meer belasten zal dan geen optie meer zijn, want met een hogere rente zal de recessie zich nog meer doorzetten en op zo'n moment zullen hogere lasten de economische groei nog meer fnuiken, wat dus tot lagere opbrengsten voor de staatskas zal leiden.

Belasten is dus geen optie, dus misschien doet de federale regering er wel een nieuwe ervaring bij op, namelijk besparen.

Niet in de stijl van Jean-Luc Dehaene, via het verhogen van de belastingsdruk via crisisbelastingen en het niet betalen van overheidsschulden, want die optie zal er dus niet meer zijn. Wel in de stijl van wat landen zoals Ierland en enkele Oost-Europese tijgers met succes hebben toegepast: de broeksriem aanhalen bij de overheid zelf.

In België komen dan te veel departement, verspillingen en aberraties in zicht om op te noemen. Wie het schoentje past, trekke het zich aan.

Een andere evidentie die duidelijk zal worden, is dat het geen zin heeft om de federale overheid zwaar de broeksriem te laten aanhalen inzake sociale verplichtingen van de federale overheid waar de burger zwaar heeft voor bijgedragen, terwijl op het zelfde moment de deelstaten diezelfde burger allerlei diensten aanbieden waar die burger niet om vraagt.

Concreet: in ruil voor minder pensioen waar nochtans voor bijdragen werd, krijgt de burger een kaartje om gratis van de diensten van het sp.a - pretpark De Lijn gebruik te maken.

Eén van de rode taboe's zal dan zwaar onder druk komen te staan: het overdragen van sociale verplichtingen aan de deelstaten, zonder geld. Franstalig België zal zich dan misschien wel eens de bedenking kunnen maken waarom zij nog met Vlaanderen zouden voortgaan.

De BTW-maatregel is vrij geruidsloos genomen, al moet ze nog worden goedgekeurd in het Parlement. Een fiscale aanval op de middenklasse, 10.000 arbeidsplaatsen minder in de bouwsector, een standaardwoning die tot 21.000 euro duurder wordt, ... Misschien is dit wel de druppel voor de burger en hijst deze de vlag van de 10de penning wel opnieuw.

Sunday, March 09, 2008

Het waanbeeld van de Islamisering van Europa


Op geregelde basis doemt in politieke en maatschappelijke commentaren het spookbeeld van de Islamisering van Europa op. West-Europa, de wieg van de huidige beschaving, zou ten prooi vallen aan de middeleeuwse levensbeschouwing van Islamitische immigranten die de afgelopen 50 jaar Europa in aanzienlijke aantallen zijn binnengekomen.

Van de verdringing van autochtone Europeanen in volkswijken door arme moslims, over de stijging van criminaliteit in de Europese grootsteden door onaangepaste derde generatie migranten tot het in gedrang komen van liberale verworvenheden zoals vrijheid van meningsuiting, de emancipatie van de vrouw en het recht om zelf ethische keuzes te maken. Allemaal zou dit het gevolg zijn van de oprukkende Islam die het geloof is van de meerderheid van de onderklasse in onze samenleving.

In een vorige tekst, “De ontkerstening van Vlaanderen en de nieuwe moraal”, stelde ik reeds enkele vraagtekens bij het verhaal van de islamisering, in die zin dat het niet de Islam is die meer en meer het Christendom als ideologische grondstroom van onze samenleving vervangt, maar wel een onbenoemde maar duidelijk te omschrijven individualistische moraal, die de onschendbaarheid van het individu als hoogste goed vooropstelt.

Iets te makkelijk wordt soms door critici van de doemdenkers opgeworpen dat ook in onze samenleving vrouwen vroeger kapjes droegen en de Katholieke Kerk een betuttelende instantie was, maar hoewel dit juist is, valt toch niet te ontkennen dat de Islam een veel grotere achterstand in te halen heeft dan de Katholieke Kerk van weleer, die op bepaalde punten trouwens net een baken is geweest in de strijd voor het individualisme, denk maar aan de recuperering en afzwakking van de gevaarlijke socialistische ideeën. West-Europa heeft het gevaar voor de communistische dictatuur, waar zeker grote massa’s voor te mobiliseren zouden zijn geweest, mede kunnen afweren door de inzet van de Kerk.

Waar de doemprofeten te weinig aandacht voor hebben, is dat ook religie, hoe determinerend dit voor een samenleving ook kan zijn, beïnvloed wordt door nog diepgaander factoren. Het is geen toeval dat de Christelijke religie als dominante religie in West-Europa sterk anti-communistisch was, gezien de dominante cultuur in het Westen sinds zeer lang het kapitalisme, eigendomsrecht en verlichtingsdenken in zich droeg.

Is het dan toeval dat in landen waar de economie niet veel meer is dan een landbouw- en grondstoffeneconomie, de heersende sociale opvattingen evenmin sterk ontwikkeld zijn, en de dominante religie hier nauw bij aansluit? De Islam is een product van zo’n maatschappij, maar gezien de veranderingen die de hele derde wereld op dit moment meemaakt, is het maar zeer de vraag of ook in de derde wereld de dominante religie zich niet zal moeten aanpassen aan de onderliggende maatschappelijke veranderingen. De Europese moslimfundamentalisten zouden wel eens een dolk in de rug vanuit hun thuislanden kunnen krijgen, waar de stad groeit en de massa’s naar vrijheid snakken.

Het blijft natuurlijk onmogelijk om de toekomst te voorspellen, maar feit is dat de tegenstanders van de vrijheid in de thuislanden er in de afgelopen 10 jaar een geduchte tegenstander hebben bijgekregen, en dat is het internet. De thuislanden kunnen bloggers dan misschien opsluiten indien ze te ver gaan, helemaal tegenhouden kunnen ze ze niet. Of de bloggers nu de legerdictatuur of de Islamisten aanklagen, feit is dat ze een nieuwe stem zijn in een debat dat lange tijd gedomineerd werd door de schijnbare keuze “Dictatuur of Islamisme”. Bovendien begint de kolonisering ook al verder en verder in het geheugen te liggen zodat pleidooien om terug te keren naar de zogenaamde “eigen identiteit” ook veel minder krachtig zullen worden. De militaire inmenging van het Westen in Irak en andere landen zal daarentegen een argument van de anti-Westerse krachten in de Islamwereld blijven, zoals de “blowback” – theorie van presidentskandidaat Ron Paul ook krachtig betoogt.

Zoals de warfare – politiek de verwestersing van de Islamitische thuislanden hindert, zo hindert de welfare – politiek de integratie van Islamitische migranten in het Westen. Uitkeringen en werkloosheidsvallen duwen hen immers in getto’s, waar de woorden van de sektarische Tablighi Jamaat hoop kunnen bieden maar evengoed op de slechte weg zetten.

In Europa staan Islamitische intellectuelen op die een verzoening van de woestijnreligie beogen met de Europese verlichtingscultuur. Tariq Ramadan is een bekend voorbeeld, maar in zijn geval lijkt de “verzoening” toch voornamelijk een behouden van de eigen religie.

Gelukkig zijn er ook de talloze voorbeelden van Islamitische vrouwen die de sluier afwerpen, zoals Ayaan Hirsi Ali, en is er het ruchtbaar precedent van Ehsan Jami, die met de oprichting van het “Centraal Comité voor Ex-moslims” een uitermate fundamenteel recht opeist en afdwingt, en dat is de afzwering van zijn geloof.

Het is goed dat er aandacht is voor de moeilijke integratie van moslims in het Westen en de blijvende problematische situatie van de thuislanden, maar dit zou niet de aandacht mogen afleiden van de belangrijke signalen die de laatste jaren merkbaar zijn. Tien jaar geleden was er geen Ayaan Hirsi Ali, en tien jaar geleden was de economische ontwikkeling in de Moslimwereld ook niet zo groot als nu. Wahabistische Saudische prinsen hebben pakken geld verdiend om nu moskeeën in het Westen te financieren, maar de economische ontwikkeling zal wetmatig samengaan met een emancipatie van het individu in de Moslimwereld. Die signalen negeren zal de zaak van de overwinning op het obscurantisme vermoeilijken.

We maken ons misschien beter zorgen maken over de politieke centralisering van de macht in Europa. Die centralisering zal immers de integratie van moslims net hinderen, door de versterking die ze betekent voor de sclerotische Europese welvaartstaten en de mogelijkheid die ze biedt om een anti-ethisch buitenlands beleid naar Frans model te voeren, waarbij de fouten die de Amerikanen op vlak van buitenlands beleid maken slechts klein bier zullen zijn en we de weergaloze mogelijkheden die de “trek naar de stad” in de hele derde wereld biedt zouden verwaarlozen.

Saturday, March 01, 2008

Het komende referendum over België


Binnen enkele dagen liggen de verkiezingen van 10 juni 2007 precies 9 maanden achter ons. De politieke klasse is echter nog steeds niet van een compromis die naam waardig bevallen. Hoewel er na een “regering van lopende zaken” en een “interim-regering” nu er een akkoord is dat Yves Leterme een regering mag gaan leiden vanaf Pasen, lijkt de regering Leterme I niet veel meer te zullen worden dan een nieuwe interim-regering. Op het eerste zicht lijkt de reden daarvoor het feit dat de Vlaams-nationalisten van de N-VA weigeren om Leterme het vertrouwen te geven, maar eigenlijk zit het probleem veel dieper. Er is een fundamenteel wantrouwen tussen de Vlaamse en de Franstalige politieke klasse. Dat komt doordat er een fundamenteel cultureel verschil is tussen de beide landsdelen.

Liberalen staan vaak afkerig tegenover begrippen als “culturele identiteit” en “volk”. Nochtans is dat niet nodig. Het filosofisch individualisme dat liberalen huldigen is niet meer dan een radicale variant van het nationalisme. Waar nationalisten respect voor eigenheid willen laten eindigen op het niveau van volk of cultuurgemeenschap, gaan liberalen veel verder. Zij willen dat volkeren en culturen met respect bejegend worden, maar vinden dat ook kleinere entiteiten respect verdienen, zoals vrijwillige verenigingen of ondernemingen. Corporatisme en betutteling wijzen zij af. Zelfs de allerkleinste entiteit in de natuur, het individu, verdient respect, en volgens sommige anarcholiberalen zelfs het meest absolute respect, in die zin dat niets de vrijheid van een individu in de weg mag staan, tenzij natuurlijk de vrijheid van een ander individu.

Liberalen als radicale nationalisten: het zal menig liberaal wel even doen slikken, en dat komt natuurlijk door de geschiedenis, waar nationalisten terechte verzuchtingen naar erkenning van volkeren en culturen hebben aangegrepen om individuen daarbinnen op te sluiten. Echter zou het deel uitmaken van een volk niet mogen betekenen dat men daarom een ander volk zou moeten misprijzen, of meer nog, dat men er niet tegelijk deel van zou kunnen uitmaken. Gelukkig huldigen de meeste hedendaagse nationalisten eveneens het liberale individualisme als filosofie, toch in ruime mate.

De Belgische staat wordt meer en meer een constructie die, los van alle toevallige persoonlijkheden of stromingen in de partijpolitiek, onder druk staat. Wellicht heeft dit veel te maken met het bestaan van de Vlaamse overheid, die als een concurrerende entiteit wordt ervaren. Bovendien is de Belgische staat als het ware besmet door haar geschiedenis, waar het adagium “La Belgique sera latine ou ne sera pas” als een rode draad doorheen loopt.

Hoewel er bij Franstaligen een zekere ongerustheid is over een België dat zou evolueren naar een “état belgo-flamande” herkent men zich daar toch veel meer in België. Men zou kunnen zeggen dat België het land is dat achter de taalgrens ligt.

De Vlamingen zijn geëmancipeerd en willen de laatste stap zetten in hun emancipatieproces, en dat is afrekenen met België. De partijpolitieke vertaling daarvan is slechts de allerlaatste stap van een proces dat zich sinds wereldoorlog I voordoet in ons land. Yves Leterme heeft door het spelen van de nationalistische kaart zijn partij weer op de rails gezet, en het leidt weinig twijfel dat indien hij dat niet had gedaan, die Vlaamse stemmen hun weg hadden gevonden naar een andere partij. Misschien wel Vlaams Belang, of Lijst Dedecker, of een nieuwe partij. Evenzeer heeft Joëlle Milquet haar op 10 juni 2007 zieltogende partij weer op de rails kunnen zetten door de nationalistische kaart te spelen, met dien verstande dat iedereen weet dat als zij beweert voor de Belgen op te komen, zij eigenlijk de Franstalige Belgen bedoelt.

Men kan zich afvragen wanneer het culminatiepunt komt. Dat is nogal duidelijk: bij de verkiezingen. Of die zich nu zullen afspelen in het najaar of in 2009, of het nu Vlaamse, federale of samenvallende verkiezingen zullen zijn, zeker is dat er nog geen communautair compromis zal zijn en dat de Vlamingen dit zullen afstraffen. Het hangt van de houding van de partijen op dit moment af of zij dan bij de winnaars of de verliezers zullen zijn. Het hangt van de mate af waarin de Vlamingen zich uitspreken of België dit referendum zal overleven.

Een andere zekerheid is echter dat de burger geen crisis wenst. En al zeker geen revolutie. Misschien zou daarom wel eens heel goed kunnen zijn voldaan aan de wil van de kiezer: een korte periode van 2 jaar zonder echte regering, tussen 2007 en 2009, die eindigt op een verkiezingsoverwinning waarbij het duidelijk wordt dat nu zeker geen volwaardige Belgische regering meer kan worden gevormd, en waarna iedereen zich realiseert dat men zich beter concentreert op de boedelscheiding.

Voor die boedelscheiding zal wel degelijk een compromis moeten worden gevonden, en tot spijt van wie het benijdt, zullen beide partijen hier moeten geven en nemen. In zekere zin is het debat over de boedelscheiding reeds op gang gebracht, in de eerste plaats door de Franstaligen, die de taalgrens in het debat gebracht hebben door de uitbreiding van Brussel te vragen als tegeneis voor de zeer gematigde eisen van de Vlamingen, die zelfs de resoluties van het Vlaams Parlement uit 1999 nooit op de tafel hebben durven leggen. Iedereen, ook de Franstaligen, weten dat de taalgrens een debat is dat enkel kan aangesneden worden bij de splitsing van het land. Door zulke voorstellen te doen hebben de Franstaligen het debat over de splitsing van het land dus op gang geschoten. En passant hebben ze hierdoor bovendien de Vlaamse publieke opinie geradicaliseerd, getuige daarvan het manifest van de Gravensteengroep, waarvan één van de kernpunten is dat compromissen moeten kunnen, maar dat het in twijfel trekken van de taalgrens gelijk staat aan de splitsing.

Een splitsing zal bijdragen tot het uitgroeien van Brussel als Monaco aan de Zenne, getuige daarvan de oproep van de burgemeester van Schaarbeek, Bernard Clairfayt, om een Brusselse tol in te voeren. Het zal leiden tot het einde van het PS-systeem in Wallonië, waar met de maffieuze socialistische afhankelijkheidspolitiek eindelijk komaf zal worden gemaakt. In Vlaanderen ten slotte zal hierdoor de Vlaamse overheid de Belgische staat aflossen als mikpunt van alle ontevredenheid, en zeer terecht, want al te veel komt de Vlaamse overheid weg met haar wanbeleid op vlak van ruimtelijke ordening, betutteling en verspillingen, door de aandacht die de communautaire problematiek krijgt.

Misschien zal de splitsing ook bijdragen tot meer aandacht vanuit Vlaanderen voor het buitenland, en meerbepaald voor de Europese Unie, waar een politieke elite op dit moment totaal losgeslagen is en poogt een superstaat op te bouwen die de Sovjetunie zal proberen te evenaren op het vlak van economische planning. Een secessie in het hart van die Unie zal wellicht die elite tot terughoudendheid aanzetten en zal nooit op steun van de eurocraten kunnen rekenen. Hoogstens zullen zij laten betijen, wanneer de internationale opiniemakers de Belgische splitsing toejuichen.

Vaak is er veel geweeklaag te horen in Vlaanderen over het feit dat de internationale wereld België voornamelijk door een Franstalige bril zou bekijken, wat nochtans onterecht is. Als een gezaghebbend weekblad zoals The Economist de splitsing van België aanbeveelt, is een lichte kritiek door één of andere kunstenaar waarnaar toch geen enkele decision maker luistert, niet meer dan een valse noot. Vlaanderen, Wallonië en Brussel zullen op de internationale bühne op een bijzonder positieve manier worden verwelkomd, zoals dit nieuwe staten steevast te beurt valt, op enkele valse noten van vergane grootmachten dan na, vanzelfsprekend, vanzelfsprekend, om Frankrijk niet te noemen. Als het een beetje meezit, kennen we in het tweede decennium van de 21ste eeuw een drieledig Singapore – verhaal in West-Europa.

Sunday, December 16, 2007

Verdrag van Lissabon zet Europa op de verkeerde weg


Vorige donderdag ondertekenden de Europese regeringsleiders het zogenaamde “Verdrag van Lissabon”. Dit ging gepaard met heel wat tumult in de Britse pers, maar bij ons bleef het daarover zo goed als windstil. In de weinige berichtgeving en analyse werd niet één keer de vraag gesteld of het wel normaal is dat een voorstel dat in 2005 door de bevolking van stichtende EU-leden Frankrijk en Nederland werd weggestemd twee jaar later nagenoeg ongewijzigd toch wordt doorgevoerd.

De ondertekening door de Belgische regering mag wenkbrauwen doen fronsen, en eigenlijk meer dan dat. Die ondertekening is zo onwettelijk als maar kan, want een dergelijke soevereiniteitsoverdracht kan nooit onder “lopende zaken” worden begrepen. Op tal van bevoegdheidsdomeinen sneuvelt het veto-recht van de lidstaten, wat Europese besluitvorming en de bijhorende ziekelijke regeldrift dus stukken makkelijker zal maken, zoals blijkt uit deze analyse.

Strikte toepassing van de wet is in België en bij uitbreiding op het continent echter nooit een grote bekommernis geweest. De “staatsraison” – lees: de belangen van het regime - heeft historisch gezien steeds de voorrang gekregen op de handhaving van de rechtsstaat. Dat was niet anders toen vragen gesteld werden of onze Grondwet niet eerst moest worden aangepast vooraleer daarmee strijdige Europese regelgeving te implementeren. Keer op keer wint de staatsraison. Het recht van de sterkste. In de Angelsaksische wereld is dat wel even anders.
Het verdrag is echter nog helemaal niet van kracht. Het moet nog worden geratificeerd door elk van de lidstaten, en tot nu toe zal daar enkel een referendum bij te pas komen in Ierland.
De Europese regeringsleiders zijn als de dood voor een herhaling van het scenario van 2005, toen Europese burgers in opstand kwamen tegen de Europese bureaucratische moloch, die op volstrekt illegitieme wijze poogt om de levens van de miljoenen Europeanen te sturen. Het Europees ambtelijk apparaat heeft steeds dezelfde strategie toegepast: door een ondoorzichtig kluwen van instellingen en procedures (het “Coreper” in de Raad, Comitologie-procedures in het parlement, Europese Commissie…) krijgt men vrij spel. Belangengroepen en grote ondernemingen worden mee in het bad getrokken. De Europese constructie toont veel gelijkenissen met het Franse ambtelijk apparaat, maar in se functioneert de Amerikaanse federale overheid op dezelfde manier. Men is als de dood voor openheid.
In zijn boek “De Verenigde Staten van Europa” geeft premier Guy Verhofstadt een duidelijk beeld van wat het Europese project volgens hem moet worden: een federaal systeem met duidelijke bevoegdheidsafbakeningen, scheiding der machten en transparantie. Zaken die op dit moment onbestaand zijn in de EU-instellingen. Het is een verdienstelijke poging, maar één die tot mislukken gedoemd is, zoals eigenlijk ook de ervaring van 2005 heeft aangetoond: van zodra er transparantie over het project komt, wordt het aangevallen. Nog nooit was er zoveel debat over de Europese Unie als in 2005 in Frankrijk en Nederland. Nog nooit groeide het verzet er zo snel tegen.
Een transparante superstaat is een contradictio in terminis. Een Amerikaanse superstaat zal weliswaar meer transparant zijn dan een Europese, omdat in de Angelsaksische cultuur de bekommernis om de rechten van het individu veel sterker leeft dan in de continentaal-Europese, die al wat dichter aansluit bij de cultuur van de ontwikkelingslanden, waar despotisme sinds eeuwen de norm is.
Centralisering van de macht is altijd en overal gevaarlijk. Het is ook een doel dat enkel kan bereikt worden door oorlog, list of bedrog. Volgens de Spaanse krant “El Pais” bestaat er een “ongeschreven akkoord” onder regeringsleiders dat er onder geen beding een referendum mag komen. “Complot” of niet, het moge duidelijk zijn dat er weinig animo heerst voor een referendum.
Het is vreemd om zien dat een liberale premier en liberale minister van Buitenlandse Zaken, niet enkel dit verdrag ondertekenen, maar bovendien ook in Europa de grootste wegbereiders zijn van “meer Europa”, meer centralisering van de macht dus ook. Wellicht heeft het te maken met een fundamentele verwarring tussen middel en doel.
Dat samenwerking tussen de lidstaten een mooi doel is, daar mag elke liberaal het over eens zijn. Openheid van de grenzen, zowel voor goederen als voor personen (voor zover dit laatste niet gepaard gaat met een sociaal systeem dat uitkeringsmigratie aanzuigt), samenwerking inzake criminaliteit en strafvervolging, het zijn zaken die ongetwijfeld nodig zijn. Maar het zijn zaken die ook perfect kunnen worden bereikt in een intergoevernementele context, zonder supra-nationalisme.
En dat laatste is net de échte kwaal van Europa: het feit dat er een permanente bureaucratie is geïnstalleerd om alles “in goede banen” te leiden. Mooi blijk daarvan geeft het arrest Cassis de Dijon, waarbijhet Europees Hof van Justitie de bepalingen van het vrij verkeer van goederen van het E.G.-Verdrag uitvoerde en een Frans product (cassis) toegang verschafte tot de Duitse markt. Hierbij werd de Duitse gezondheids-regelgeving als een verkapt verbod op Franse producten beschouwd.
Dergelijke zaken waren steeds een doorn in het oog van bemoeizuchtige corporatistische welvaartstaten zoals Frankrijk en Duitsland. Een politieke deal werd gemaakt dat vrijhandel enkel gedoogd kon worden indien er strikte centrale Europese regelgeving kon komen om de strikte nationale regels te vervangen. En zo groeide het “acquis communautaire” uit tot een monsterlijk geheel van 90.000 pagina’s regelneverij.
Belangrijk en essentieel om in te zien is dat er evengoed vrijhandel, vrij verkeer van personen en privatiseringen allerhande zullen plaatsvinden zonder Europese Unie, zonder communautaire methode, maar louter op basis van bilaterale of multilaterale verdragen, die geen centrale bureaucratie meer behoeven. De jongste trend van belastingsconcurrentie die in Europa zichtbaar is, bewijst dat spontane concurrentie tussen kleinere lidstaten een weldadig effect kan hebben. Zeker in een globale economie wordt de kost om de oude linkse recepten terug boven te halen groter en groter.
Zo’n inter-goevernementeel vrijhandels - Europa is mogelijk, maar in zo’n Europa heeft het Verdrag van Lissabon geen plaats. Ook de Europese Commissie, het Europees Parlement en het Hof van Justitie verdwijnen dan, en samen met deze instellingen ook de 90.000 pagina’s regelneverij die de uitdrukking zijn van de oude continentaal-Europese verachting voor de vrijheid, die helaas ook deel uitmaakt van onze geschiedenis.
Voorwaarde is dat er eerst en vooral over Europa gesproken wordt. Het grote taboe moet doorbroken worden. Dit zal de EU zoals we ze nu kennen noodlottig worden. "Sunlight is the best desinfectant".

Sunday, November 18, 2007

De gevaarlijke irrationaliteit van het Belgische nationalisme

Vandaag trokken 35.000 mensen door de straten van Brussel om te manifesteren voor de “eenheid van België”. Volgens De Standaard waren de meeste van de deelnemers Franstaligen, wat men ook kan verwachten wanneer men ziet dat het bijna alleen in de straten van Brussel is waar Belgische vlaggen te zien zijn, en nagenoeg niet in Vlaanderen.

Het initiatief voor de protestmars kwam er naar aanleiding van een petitie uitgaande van een ambtenare uit Luik, Marie-Claire Houard. Tot nog toe leverde die petitie eveneens voornamelijk Franstalige handtekeningen op.

Dat de liefde voor België dus voornamelijk van Franstalige kant komt, daar moet men zich vanzelfsprekend geen zorgen over maken. Wat echter wel zorgwekkend is, is de argumentatie die steevast naar voren wordt gebracht om de eenheid van ons land te verdedigen.

Zo vermeldt de petitie van Houard dat er “zoveel andere problemen zijn dan een louter taalverschil.” Voor zover een taalverschil al een probleem zou zijn – in vele bedrijven ziet men immers dat dit helemaal niet het geval is, lijkt dit toch wat kort door de bocht te zijn.

Verder vindt men op bebelgian.be de meer uitgebreide argumentatie:

"NATIONALE EENHEIDSMARS"

• "België omvat immers alle Belgen en niet alleen maar een paar honderd politici."

De “Belgen” zouden dus tegen het debat over het communautaire zijn dat de “paar honderd politici” voeren, maar tegelijk zouden van de Vlamingen 30% voor separatistische partijen stemmen en nog eens 45% voor confederalistische partijen? Alle peilingen die tot 45% Vlaamse voorstanders van een splitsing van het land aangeven zouden er dus compleet naast zitten? Of zijn alleen Franstaligen “Belgen”?

"Alles afstemmen op taalkwesties leidt maar tot taalapartheid en die weigeren wij."

Een nogal onduidelijke stellingname, maar alvast stelt men tegen “taalapartheid” te zijn. Het lijkt er op dat men hiermee bedoelt dat Franstaligen het recht moeten hebben om overal in Vlaanderen door de overheid in de eigen taal te worden bediend. Een verdedigbare stelling, maar men moet dan ook consequent zijn. Dan hebben de arme derdewereld-migranten in Brussel eveneens recht op dienstverlening in de eigen taal (Turks, Marokkaans) evenals de rijkere expats die veelal het Engels als lingua franca hanteren. Een onhaalbare zaak overduidelijk, tenzij men dit recht om in Vlaanderen in de eigen taal te worden bediend door de overheid enkel voor Franstaligen voorbehoudt en niet aan andere inwijkelingen vanuit de achterliggende visie dat Franstaligen superieur zijn aan anderstaligen.

In een anarcho-kapitalistische wereld waar geen staten maar enkel nog efficiënt gerunde “gated communities” bestaan zou deze heikele kwestie makkelijk opgelost kunnen worden aangezien iedereen vrij is om de toetredingvoorwaarden van zo’n “gated community” te nemen of te laten, met de bijhorende bepalingen inzake taalgebruik. In een wereld zoals we ze nu kennen, gedomineerd door staten, lijkt het vanuit liberaal oogpunt alvast niet rechtvaardig om belastingsbetalers miljoenen te laten ophoesten voor de mogelijkheid voor elke vreemdeling om voor alles in de eigen taal bediend te worden door de overheid.

"Wij willen antwoorden op onze vragen en oplossingen voor onze problemen, Van veiligheid, werkgelegenheid, energieprijzen, leefmilieu, onderwijs, maandelijks rondkomen, gezondheidszorg, pensioenen, salarissen, enz. liggen wij immers veel meer wakker dan van bepaalde institutionele vraagstukken die verdeeldheid zaaien."

Veiligheid, werkgelegenheid, energieprijzen, leefmilieu, onderwijs, maandelijks rondkomen, gezondheidszorg, pensioenen, salarissen, enz. zijn allemaal zaken die de publieke financiën van ons land raken. De publieke financiën van ons land zijn nog steeds desastreus, met een staatsschuld van 284,10 miljard Euro of ongeveer 90% van het BBP. Volgens het bekende ECB-onderzoek verspilt de Belgische staat zomeer even 34% van zijn middelen, sterk onder het gemiddelde van 21% van de andere Europese landen (zie ook het commentaar in Trends).

Dat die andere Europese landen stuk voor stuk welvaartstaten zijn met grote collectieve sociale voorzieningen, moet een belletje doen rinkelen. Wat maakt dat net België zoveel slechter scoort dan die andere landen? Juist. De communautaire pacificatie. Een structuur van 3 gemeenschappen en gewesten en nog wat extra dubbelinstellingen in Brussel kost handenvol geld. Geld dat netto op de tafel moet worden gelegd door de belastingsbetaler, die met een belastingsdruk van gemiddeld 49% van het BBP sowieso al uitgeperst wordt als een citroen. De “antwoorden op de vragen en de oplossingen voor de problemen” van de betogers hangen dus zeer nauw samen met oplossingen voor de communautaire pacificatie.

Daarbij dringt zich die ene vraag luider en luider op: is er een vereenvoudiging van de peperdure Belgische instellingen mogelijk zonder het land te splitsen, of is dit niet het geval? De draagkracht van de belastingsbetaler begint immers door te wegen, en in een globale economie wordt het steeds makkelijker voor belastingsbetalers om zich af te wenden van de Belgische economie. De kosten die onzekerheid en een scheidingsproces met zich meebrengen zijn daarbij vergeleken slechts peanuts – borrelnootjes.

"Wij willen tegenover de politici namelijk onze gehechtheid betuigen aan een multicultureel en verdraagzaam België."

Een eerbare doelstelling, die elke humanist zonder dralen zal onderschrijven. Een rijk, voorspoedig, gelukkig, stijlvol, creatief en inspirerend land zijn zeker nog andere doelstellingen die men had kunnen uiten.

Er lijkt echter niet onmiddellijk een verband te zijn met het centraliseren of decentraliseren van de instellingen in ons land. Tenzij dan misschien de omstandigheid dat de Belgische welvaartstaat en zijn verstikkende reguleringen de etnische minderheden die in ons land ook de zwakste sociaal-economische groep vormen in de armoedeval knelt. Waar ze in getto’s ver weg van integratie en sociale mobiliteit worden gehouden.

Noodzakelijke liberale hervormingen van bijvoorbeeld onze arbeidsmarkt om hieraan iets te doen zouden veel sneller plaatsvinden in een context van fiscale concurrentie en een ophouden van de geldstromen die de uitkeringsval van de Franstalige Parti Socialiste (PS) in stand houden. Migranten en multiculturaliteit zijn een zegen, maar niet in een context van Belgisch afhankelijkheidssocialisme.

"Wij, Belgen, hebben ons voorgenomen ons niet nog eens laten beetnemen."

Een verstandig voornemen. Men wenst het niemand toe om beetgenomen te worden en zo in een ongunstige situatie te verzeilen. Vraag is alleen of meer vrijheid en verantwoordelijkheid voor de drie culturele gemeenschappen (Vlaanderen, Wallonië en Brussel) net niet voor alle drie een zegen zou zijn. Zoals ik reeds in mijn vorige teksten beargumenteerde., vanuit de visie van economen Spolaore en Alesina.

* * *

Men mag het Belgisch nationalisme uiteraard niet enkel afrekenen op basis van de argumentatie op bebelgian.be, maar feit is dat wanneer men op zoek gaat naar argumenten die het Belgische nationalisme hanteert, men van een kale reis thuiskomt. Daarom klinkt die ene vraag ook oorverdovend luid: waarom? Waarom moet België behouden blijven?

Een argument pro-België zou bijvoorbeeld kunnen zijn de diplomatieke assets van ons land te vrijwaren, zoals bijvoorbeeld het feit dat België dubbel zo veel stemmen heeft in het IMF als India (!). België verliezen zou dan heel wat internationale invloed afnemen. Men moet zich dan natuurlijk wel de vraag stellen of dit wel in de eerste plaats zo rechtvaardig is ten opzichte van bijvoorbeeld India (veel linkse Belgische nationalisten zijn wellicht ook een beetje andersglobalist, wat wellicht enige hoofdbrekens zal met zich meebrengen). Voor zover het IMF natuurlijk nog zo belangrijk zou zijn (slechts 20% van alle overheidsleningen zou nog via het IMF gaan). Meer fundamenteel is het maar de vraag of “iets te zeggen hebben in de wereld” voor België relevant is. Luxemburg en Ierland hebben ongetwijfeld diplomatiek minder te zeggen, maar zijn wel nummer 1 en 2 op de ranglijst van welvaart per inwoner.

Een oplossing voor de huidige crisis door het land op te splitsen in de drie delen waaruit België cultureel ook bestaat (Vlaanderen, Brussel en Wallonië) wordt geregeld geopperd, en de argumentatie die ikzelf gebruikte, is niet enkel de mijne maar komt geregeld voor in het publieke debat. Van Belgisch-nationalistische kant wordt op dergelijke argumenten nagenoeg nooit ingegaan:

The country might split into its 3 cultural worlds:

- Dutch-speaking “Northern-European” Flanders

- International Brussels (as a city state like Luxemburg, where EU institutions can remain)

- and French-speaking Wallonia, culturally oriented on France

If this happens, poorer Wallonia will not be able to afford its expensive welfare system any longer but could in the long term grow richer when pursuing free market reforms and applying the tax haven - strategy that nearby Luxembourg, the world richest country per capita, applied.

If this happens, Brussels will have to cut down on its own expensive and wasteful government costs, but might be profiting from it to grow even more as an international diplomatic hub.

If this happens, Flanders will save a lot of money that is now being paid to sustain the Belgian system, and might be able to grow even more as "the logistic port to Western Europe", by using the money to improve infrastructure and to reduce the incredibly high tax burden of 45,6% that lies on citizens and companies. (...)

Specifiek voor Brussel:

Een splitsing en een onafhankelijk Brussel zijn praktisch mogelijk

De vraag dringt zich dan op hoe de Belgische splitsing dan concreet moet verlopen. Onvermijdelijk wordt de Vlamingen dan weerspiegeld dat “wij” (de Vlamingen) Brussel zouden verliezen. Dit is een sofisme van formaat. Brussel ligt naast Vlaanderen en zal dat altijd blijven. Het is nu reeds sociologisch een ander land, maar dat belet niet om er naar toe te gaan en er economisch mee verweven mee te zijn.

Vlamingen zullen niet slechter af zijn indien Brussel een onafhankelijke staat wordt. Een onafhankelijk Brussel zou in de eerste plaats op zoek moeten naar inkomsten. In de eerste plaats zou dan het peperdure Brusselse systeem van besturen worden hervormd. Gedaan met de opdeling Gewest – VGC – Cocof - GGC. Eén bestuur. Gedaan ook met bepaalde baronietoestanden die in gemeenten bestaan. Gedaan wellicht ook met de overbelasting van het Brusselse wegennet, dit door het invoeren van een “congestion charge” zoals in Londen of Milaan. Eventueel kan een belasting worden ingevoerd voor buitenlanders die er werken (Vlamingen, Europese ambtenaren), maar Brussel zal niet zover kunnen gaan als het wil, want vitale infrastructuur voor Brussel ligt op Vlaams grondgebied (luchthaven, ring, spoor) en Europese ambtenaren kunnen perfect verhuizen naar Straatsburg of ergens anders indien Brussel zijn hand overspeelt. Vlaamse Brusselaars zouden daarom ook moeten worden gerespecteerd, en misschien zijn ze door een onafhankelijk Brussel wel beter af, zoals Vlaamse Brusselaar André Monteyne schrijft in “De stadstaat Brussel en de Vlamingen”.

Andere issues zouden de minderhedenproblematiek zijn (de Franstaligen in de rand), de verdeling van de diplomatieke assets van België en de verdeling van de staatsschuld. Geen makkelijke zaken, maar er is een compromis over mogelijk. (...)

Het is jammer en ook gevaarlijk dat het Belgische nationalisme bijzonder weinig rationele argumentatie voorhanden heeft voor zijn zaak. Respect voor de rede en de dialoog zijn tegengesteld aan het opdreunen van mantra’s. De eigen geloofspunten moet men steeds beargumenteren, kritisch in vraag stellen, en zonodig verwerpen wanneer men daarvan redelijk overtuigd is. De vraag “waarom België?” moet zich dan ook blijven stellen, en wanneer geen afdoende antwoord kan worden gegeven op die vraag, moet men de gevolgen daaruit trekken.

Saturday, September 22, 2007

Belgium on the edge of splitting up? Let’s hope so. Freedom thrives with decentralisation.


Dedicated to all non-Dutch speaking readers, whether they are intellectualy capable to learn it or not

Belgium:

- 10 million people

- 2 communities (apart from a tiny German minority in the east of 90.000 people): Dutch-speaking Flanders in the north (6 million people) and French-speaking Wallonia in the south (3 million people)

- a capital, Brussels (1 million people), geographically located in the north, but where most people speak French, 10% speaks Dutch and an international presence of both rich diplomats and poor immigrants remains.

The country might split into its 3 cultural worlds:

- Dutch-speaking “Northern-European” Flanders

- International Brussels (as a city state like Luxemburg, where EU institutions can remain)

- and French-speaking Wallonia, culturally oriented on France

If this happens, poorer Wallonia will not be able to afford its expensive welfare system any longer but could in the long term grow richer when pursuing free market reforms and applying the tax haven - strategy that nearby Luxembourg, the world richest country per capita, applied.

If this happens, Brussels will have to cut down on its own expensive and wasteful government costs, but might be profiting from it to grow even more as an international diplomatic hub.

If this happens, Flanders will save a lot of money that is now being paid to sustain the Belgian system, and might be able to grow even more as "the logistic port to Western Europe", by using the money to improve infrastructure and to reduce the incredibly high tax burden of 45,6% that lies on citizens and companies.

However my estimate is that the chance of splitting up at the moment is only small. This due to the following factors:

1. A split up would completely end the political power of the Francophone Socialist Party (PS), as this is the main political force in Francophone Belgium, obtaining its votes mainly from unemployed people and state employees, both benefiting from the money sent by Flanders through the welfare state system.

A split up would end the money streams from Flanders to Wallonia, and thus the necessary sources to fund the Walloon welfare state governed by the PS. It would responsabilise Walloon unemployed people, and would force them to start up their own companies and create their own wealth. Although this might be a painful process, it is the only way to heal Wallonia, suffering from a far lower GDP than Flanders.

Due to huge corruption scandals, the PS temporarily lost many of its votes, but it is still in charge in the regional governments and no Francophone party will dare to challenge the core of its power, and that is the welfare system that is hindering the south in its development and is keeping several hundreds of thousand people totally dependent of welfare, derived from wealth that was created in Flanders but is controlled by the PS.

2. Some Flemish are reluctant to secede, as they fear they would lose Brussels, now the capital of the 2 communities. To my esteem this fear is not justified, as the reality is that Brussels needs Flemish investments (public and private) more than the other way around. An independent Brussels would not change the situation as it is now: many Flemish (and Walloon) people would still work in Brussels, but the very high cost of keeping the country together through expensive unnecessary institutions would disappear.

People don't like change, but certain factors are pushing for this nevertheless:

1. The cultural differences between the 2 communities have grown over the years. When it comes to culture, the 2 communities are just as different as the US and Mexico. Brussels is a nice mix of the two, combined with a growing international aspect.

2. Financially the federal level, providing for most of the welfare (pensions, social security), is getting into problems. This due to:

- huge government expenses in the past (Belgian public debt is still 87% of GDP, coming from 130%, and the likely increase of international interest rates might make this even higher)

- the under-funding of the federal level to provide for the federal welfare expenses (whereas the regional entities are over-funded though not having the same burden to pay for welfare)

- most importantly: the very expensive compromises that were made to keep it all together. A study by the European Central Bank (Public Sector Efficiency, an international comparison, 2003), discussed in Belgium, considers that the Belgian state wastes 34% of its means, this being worse than the European average (21%) and Luxembourg (0% according to the study). The reason for this is not just the welfare state, but the fact that many institutions were created to pacify the 2 communities (e.g. 2 different parliaments for the French-speaking community in Belgium, one in Brussels, one in Namur, and plenty of institutions in Brussels, in order to protect the Flemish minority in that city).

Apart from accidental political events too dificult to explain for outsiders, and not as important either, these explained socio-economic drivers are really behind the Belgian crisis. Going back almost to the founding of Belgium, set up in 1830 as a mere Francophone state, discriminating the Flemish majority for at least 100 years, these drivers have contributed to a push for more autonomy that might end up in a split-up.

With regards to the EU - project, it is clear that an eventual split-up of Belgium would be a blow for those that want to make of the EU a regulatory superstate, based on the French model, while promoting a semi-racist artificial European nationalism, hostile towards our American and Asian friends.

The decade of globalisation that pushed governments into being more responsible, is without any doubt an extra trigger for all this, and might come to play a role in the future secession of Scotland, Catalonia, Northern Italy or Western Germany. As economists Spolaore and Alesina have explained in their essay "The size of Nations": in the age of globalisation, rich countries will be small countries. Who knows that lesson might apply for countries like France, the US, Russia, India or China one day.

Saturday, September 08, 2007

De weg naar de vrijheid loopt via de splitsing van België















De Belgische staat lijkt wel op zijn grondvesten te daveren in het licht van de huidige politieke crisis. Titels zoals informateur, formateur en bemiddelaar alsook oude krokodillen die het land moeten redden zijn nagenoeg opgebruikt. Rots in de branding voor het Belgisch Koninkrijk blijkt “verkenner” Herman Van Rompuy te zijn. Indien ook hij faalt, lijkt de toekomst onzeker voor de Belgische staat. Tenzij een tripartite nog een respijt geeft, maar dan volgt de nekslag in 2009.

De Standaard doet reeds een interessante oefening die moet schetsen hoe een splitsing praktisch zou verlopen, en figuren zoals Marc Reynebau worden gretig opgevoerd om te waarschuwen voor de grote hindernissen. Net zoals nog altijd de meerderheid van de Vlamingen lijkt ook De Standaard niet erg happig op het einde van België. Grotendeels vanuit een conservatieve reflex. Een gezonde en terechte reflex overigens. Politieke revoluties en grote veranderingen moet men sceptisch bekijken.

De Belgische staat is peperduur

Niettemin zouden de hindernissen en kosten van het niet-splitsen van het land wel eens hoger kunnen uitvallen dan die van de splitsing. Dat komt vooral door ongelooflijke kosten die de Belgische staat met zich meebrengt. Volgens een onderzoek van de ECB bedraagt de input-efficiëntie van de Belgische staat slechts 66%, waarover Trends bericht.

Dat geeft het percentage aan van de overheidsmiddelen die niet worden verspild. België scoort daarbij onder het Europees gemiddelde van 79%. Buurland Luxemburg haalt zomaar even 100%. Luxemburg, voorwaar een voorbeeld.

Volgens dit weliswaar gecontesteerd onderzoek verspilt de Belgische staat dus zomaar even 34% van haar middelen. Ook als de situatie niet zo dramatisch zou zijn als deze cijfers weergeven, is het voor iedereen duidelijk dat onze overheid niet het toonbeeld van efficiëntie is, om het zacht uit te drukken. Dat de hoofdoorzaak daarvan niet enkel de welvaartstaat is, die immers ook in andere Europese landen bestaat, maar in de eerste plaats de kost van de compromissen van Jean-Luc Dehaene en andere loodgieters, is duidelijk.

België kost dus te veel. Veel te veel. Zoveel dat de kost om het land niet te splitsen hoger uitvalt dan de grote inspanning die nodig zal zijn om het land op een ordelijke manier in twee of drie delen op te delen.

Burgers willen de splitsing

Dat laatste is niet langer een taboe. 40 tot 45% van de Vlamingen is op dit moment volgens verschillende peilingen voorstander van een splitsing. Een extreem hoog percentage voor zo’n radicale ingreep. De reden is duidelijk. De burger ziet in dat België bijeenhouden een verschrikkelijk hoge prijs vergt. Ook de internationale media zien er heil in: het meest gezaghebbende magazine ter wereld, “The Economist”, pleit voor een splitsing van het land: Belgium, time to call it a day. Sometimes it is right for a country to recognise that its job is done.

De financieringswet ondermijnt België

En dan is er nog dat ene in het publieke debat onderbelichte aspect van de Belgische kwestie: de financieringswet. De regeling die de verdeling van de middelen onder federatie en deelstaten voorziet. De versie van 1989 werd in 2001 met het Lambermont-akkoord aangepast. Het noodlijdende Franstalig onderwijs kreeg handenvol geld, en als tegenprestatie kreeg ook de Vlaamse deelstaat er enorm veel middelen bij. Met als gevolg dat de deelstaten op dit moment zwemmen in het geld. Zelfs de PS-regeringen in Franstalig België slagen erin om een begroting in evenwicht te bereiken, wat als ultiem bewijs kan gelden. Tegelijk komt het water aan de lippen van de federale overheid. En daar wringt het schoentje.

De federale overheid heeft immers vitale schulden aan de Belgische burger. Pensioensschulden en sociale zekerheidsschulden. Veel van het geld dat de Belgische belastingsbetaler hiervoor heeft bijgedragen aan de federale overheid wordt doorgestort naar de deelstaten. Waar het op hooghartige wijze verspild wordt aan zaken waar de burger niet om gevraagd heeft, maar die wel snel electoraal gewin opleveren voor politici, zoals gratis openbaar vervoer voor 65-plussers.

Even recapituleren: de Belgische staat rooft jaarlijks 49% van de rijkdom van haar onderdanen. Daarmee heeft België de derde hoogste belastingsdruk ter wereld, na Zweden en Denemarken. 34% van die middelen wordt echter verspild, en de voornaamste reden hiervoor is de hoge kost van de compromissen om Vlamingen en Franstaligen bijeen te houden in één staatsentiteit. En passant worden nog eens de meest vitale zaken in tijden van vergrijzing, zoals pensioenen en sociale zekerheidsuitkeringen, verwaarloosd, door gelden hiervoor bedoeld door deelstaten te laten uitgeven aan zaken die de burger niet nodig heeft. "Ceci n’est pas un parfum de crise", zoals Magritte het aan Francis Delpérée zou uitdrukken om eigenlijk te bedoelen: "ceci est une crise de système". De Koning bindt zich beter goed vast aan zijn troon.

Een internationale stijging van de rente kan de nekslag aan België geven

We durven nauwelijks een voorspelling te maken wat er gebeurt indien ook het internationale aspect om de hoek te kijken. De subprime-crisis heeft in de V.S. de vastgoedluchtbel doorprikt die door de Federal Reserve was gecreëerd om de pijnlijke gevolgen van de vorige uiteengespatte internetluchtbel van 2000 te helpen uitstellen. Het is nog niet duidelijk wat de reactie van de Fed en de ECB op deze subprime-crisis zal zijn, maar duidelijk is dat er veel verzet is om opnieuw artificieel de rente lager te sturen.

Bovendien kan de Fed ook niet oneindig crisissen blijven oplossen door geld bij te drukken, want dan komt de dollar, die nu al in vrije val lijkt, helemaal onder druk als reservemunt voor de wereld. Bij gebrek aan alternatief, en met een overvloed aan overheden die maar al te graag de eigen munt de dieperik in helpen door geld bij te drukken, kan de dollar zijn positie sowieso nog een tijd houden, maar zeker is dat artificieel de rente verlagen niet zo makkelijk meer zal kunnen als in de jaren ’90. The party is over.

De jaren ’90: de jaren van Dehaene, die door belastingsverhogingen en - beperkte – besparingen en privatiseringen het Belgische overheidstekort van 130% verminderde. De jaren waarin hij hierbij geholpen werd door de lage rente. Die dus meer dan waarschijnlijk zal stijgen in de komende jaren. En wel eens de trigger zou kunnen worden om het ultieme zetje tegen de Belgische constructie te geven. Bij rentestijgingen kan de federale overheid het wel helemaal schudden, wil het de interesten op de nog steeds zeer hoge staatsschuld voldoen.

Kleine staten zijn rijke staten

Een vereenvoudiging van de instellingen om zo de kost van de instellingen te verminderen is de enige oplossing voor dit alles. Theoretisch kan een nieuw unitarisme hiervoor zorgen. Politiek is dit echter niet haalbaar. Enkel een splitsing lijkt voor de zo noodzakelijke fundamentele vereenvoudiging en dus grote kostenbesparing te kunnen zorgen.

En eigenlijk is dit logisch. Grote staten zijn log en duur. Kleine staten, op maat van de volkeren die er wonen, zijn meer wenselijk. Dat toont alvast een onderzoek aan van economen Spolaore en Alesina. Kleine staten zijn rijke staten, zo stellen ze.

Zoals Frans Crols in dit bijzonder lezenswaardig pleidooi voor een onafhankelijk Vlaanderen de twee economen Spolaore en Alesina citeert, mag het duidelijk zijn dat hun analyse perfect op de Belgische kwestie kan worden toegepast:

"De kosten van de heterogeniteit/rommeligheid van een land kunnen dermate hoog oplopen dat de burgers van een homogener subgedeelte besluiten de kosten te drukken door samen een lower cost country te stichten gebaseerd op meer samenhang, meer sociaal kapitaal, beter overleg, minder ruzie, minder tijdverlies."

Kleine staten zijn open multiculturele staten

Kleine staten zijn rijke staten, maar kleine staten zijn ook open staten. Een onafhankelijke republiek Vlaanderen zou geen bekrompen land zijn, maar zou zich integendeel als huidig centrum van Europa nog meer naar buiten kunnen openen. Allereerst door de vennootschapsbelasting te verlagen zoals in Ierland is gebeurd. Op dit moment is Ierland hierdoor het tweede rijkste land ter wereld (per capita ), en is het meer en meer een multiculturele smeltkroes aan het worden.

Een onafhankelijk Vlaanderen zou ook de politieke mogelijkheden geven om uitkeringen te beperken in de tijd en een aantal andere rationaliseringen door te voeren, die het fenomeen van de uitkeringsmigratie, zoals Derk-Jan Eppink dit noemt, aanpakken. Dat dit het samenleven en de integratie ten goede zou komen, omdat er bijvoorbeeld geen Marokkaanse bejaarden meer zouden komen via gezinshereniging om hier van hun oude dag te genieten op kosten van de Belgische sociale zekerheid, is al te duidelijk. In een vrij land is migratie een wezenlijk en welkom onderdeel van de samenleving, maar komen en gaan migranten enkel in de mate dat dit economisch draagbaar is.

Situaties zoals nu in België, waar op aansteken van de PS mensen in sociale getto’s en werkloosvallen afhankelijk worden gehouden, zouden in een kleinere staat moeilijker houdbaar zijn. Wie voor integratie is, moet dus het land kleiner willen maken.

Een splitsing en een onafhankelijk Brussel zijn praktisch mogelijk

De vraag dringt zich dan op hoe de Belgische splitsing dan concreet moet verlopen. Onvermijdelijk wordt de Vlamingen dan weerspiegeld dat “wij” (de Vlamingen) Brussel zouden verliezen. Dit is een sofisme van formaat. Brussel ligt naast Vlaanderen en zal dat altijd blijven. Het is nu reeds sociologisch een ander land, maar dat belet niet om er naar toe te gaan en er economisch mee verweven mee te zijn.

Vlamingen zullen niet slechter af zijn indien Brussel een onafhankelijke staat wordt. Een onafhankelijk Brussel zou in de eerste plaats op zoek moeten naar inkomsten. In de eerste plaats zou dan het peperdure Brusselse systeem van besturen worden hervormd. Gedaan met de opdeling Gewest – VGC – Cocof - GGC. Eén bestuur. Gedaan ook met bepaalde baronietoestanden die in gemeenten bestaan. Gedaan wellicht ook met de overbelasting van het Brusselse wegennet, dit door het invoeren van een “congestion charge” zoals in Londen of Milaan. Eventueel kan een belasting worden ingevoerd voor buitenlanders die er werken (Vlamingen, Europese ambtenaren), maar Brussel zal niet zover kunnen gaan als het wil, want vitale infrastructuur voor Brussel ligt op Vlaams grondgebied (luchthaven, ring, spoor) en Europese ambtenaren kunnen perfect verhuizen naar Straatsburg of ergens anders indien Brussel zijn hand overspeelt. Vlaamse Brusselaars zouden daarom ook moeten worden gerespecteerd, en misschien zijn ze door een onafhankelijk Brussel wel beter af, zoals Vlaamse Brusselaar André Monteyne schrijft in “De stadstaat Brussel en de Vlamingen”.

Andere issues zouden de minderhedenproblematiek zijn (de Franstaligen in de rand), de verdeling van de diplomatieke assets van België en de verdeling van de staatsschuld. Geen makkelijke zaken, maar er is een compromis over mogelijk.

Luxemburg is het voorbeeld

Luxemburg is kleiner dan Brussel, en heeft ook Europese instellingen. Luxemburg is klein, rijk (het rijkste land ter wereld per capita), een belastingsparadijs. Luxemburg is een voorbeeld voor Brussel, Wallonië en Vlaanderen. Een opsplitsing van het land in twee (Vlaanderen en rest-België met Wallonië en Brussel) of drie delen (Vl-Wal-Bru) zou tot meer fiscale competitie aanleiding geven (de beroemde “race to the bottom”: minimaal betalen aan de overheid voor maximale dienstverlening), tot meer verantwoordelijk bestuur dicht bij de burger, tot het einde van de macht van de corrupte PS, die veel Vlaams geld zou verliezen.

In Wallonië zou de verticale as Waals-Brabant-Namen-Luxemburg het laken naar zich toe halen en eindelijk de broodnodige hervormingen doorvoeren die nodig zijn voor de oude industriebekkens in het Westen en het Oosten van het land. De verzwakte PS zou enkel kunnen toekijken hoe haar macht ineenstort, haar pionnen worden berecht en de burgers van Wallonië zich bevrijden van haar verstikkende wurggreep om zo op langere termijn tot een tweede Luxemburg uit te groeien.

Misschien zouden Brussel en Wallonië als rest-België wel samen voortdoen. Het lijkt mij vanuit de redenering van Spolaore en Alesina geen goede zaak voor hen, maar ook dat zou al een verbetering zijn ten opzichte van de huidige situatie.

Op naar de splitsing van Vlaanderen

In Vlaanderen zou de nieuwe grote uitdaging zijn om fors te gaan snijden in het ambtenarenapparaat en het oerwoud aan Vlaamse regelgeving. Dat ook Vlaanderen bovendien beter af zou zijn met kleinere gedecentraliseerde entiteiten, is zeker. West-Vlaanderen, stad Antwerpen en Limburg vormen als Vlaamse regio’s waar een sterke eigen identiteit bestaat evidente kandidaten hiervoor. Is het niet voor volledige onafhankelijkheid, dan misschien als vennootschapsbelastingsvrije zones. Na de splitsing van het land geldt: “l’imagination au pouvoir”.

Last but not least zou de splitsing van ons land ook een mokerslag zijn voor diegenen die de Europese Unie willen doen evolueren naar een corporatistische superstaat waar overregulering en bureaucratisering aan de orde van de dag zijn en een artificieel Europees semi-racistisch natiegevoel wordt gepropageerd gericht tegen onze Amerikaanse vrienden en Aziatische handelspartners. Een opsplitsing van de macht in het hart van de Europese Unie zou een mooie stap vooruit zijn op weg naar een vrije wereld met kleine als bedrijf bestuurde staten die vrij handel drijven in vrede.

Friday, August 10, 2007

CD&V ontloopt haar verantwoordelijkheid


De verkiezingen liggen vandaag precies twee maanden achter de rug en van een nieuwe regering is nog geen schijn te bekennen. Het mag duidelijk zijn dat dit komt door de grote klap die de PS, een belangrijke speler in het Belgisch corporatistisch establishment, heeft gekregen. Voor het eerst sinds de invoering van het algemeen stemrecht in 1918 zijn de socialisten niet de grootste partij in Wallonië. Indien rooms-rood mogelijk was geweest, zoals Yves Leterme had gehoopt, waren de krantenkolommen met de voorstelling van de nieuwe ministers al verschenen. Dat is zeker.

Nog maar weinig zaken zijn verworven als akkoord in de onderhandelingen: het principe van een belastingsverlaging, een verhoging van de uitkeringen, een begrotingstekort (horesco referens!) en het langer openhouden van de kerncentrales.

De kern van het probleem zit bij CD&V: aangezien ze een klassieke centrumpartij is, is haar grootste vrees dat de coalitiepartners zouden scoren. Daarom transformeert de partij bij de onderhandelingen met de liberalen in een ACW-bolwerk van het ergste soort. Waardoor misschien zal blijken dat met de PS meer belastingen zullen zijn verlaagd dan met CD&V. Alle liberaal denkende CD&V - kiezers zullen een dolk in de rug ingeplant krijgen.

Nochtans neemt CD&V hiermee een zware verantwoordelijkheid op de schouders. De PS heeft een historische nederlaag geleden. Het is de morele verantwoordelijkheid van éénieder om nu eens schoon schip te maken en vooreerst de moordende belastingsdruk in België sterk af te bouwen, gefinancierd met een grote uitgavenvermindering, vooral dan door het aantal ambtenaren drastisch te laten dalen. Naast nog andere dringende zaken.

Anders dan de VLD in de voorbije 8 jaar, heeft CD&V wel degelijk het electorale gewicht om een aantal levensnoodzakelijke hervormingen waartoe al een aanzet werd gegeven nu eens helemaal door te drukken. De PS is weg en kan zich dus niet langer verzetten tegen Copernicus bis, administratieve vereenvoudiging in sociale en fiscale materies of vermindering van het aantal ambtenaren. De VLD had in de eerste regering-Verhofstadt te kampen met maar liefst vier tegenstanders van fundamentele hervormingen (PS, sp.a, Agalev en Ecolo) en één lauwe medestander (MR). In de tweede regering-Verhofstadt was het electoraal gewicht van de VLD niet veel groter dan dat van de PS, wat beperkingen meebracht. Bovendien was de oppositie (CD&V, Vlaams Belang) ook niet van die aard om veel aan te dringen op dergelijke hervormingen.

Nu liggen de kaarten helemaal anders. CD&V heeft groot electoraal gewicht en zou dus veel hervormingen die haar kiezers effectief ondersteunen makkelijk kunnen doorduwen. Het heeft in de VLD en MR coalitiepartners die vragende partij zijn voor hervormingen. Enige tegenstander zou de kleine partij cdH zijn. Indien die partij zich echter zo economisch onvolwassen blijft opstellen (met pleidooien voor hogere belastingen als voorlopig meest krankzinnige voorstel), is het misschien beter om Madame Milquet en haar kliek te vervangen door Ecolo. Ecolo zit niet in de deelstaatregeringen met de PS en kan het zich dus beter permitteren om de PS tegen de haren in te strijken. Bovendien staat Ecolo meer open voor bepaalde zaken, zoals bijvoorbeeld vereenvoudiging van de administratie, aangezien die partij veel minder deel uit maakt van het Belgisch corporatistisch belangenapparaat dan cdH. Nog belangrijker is dat Ecolo veel won in de verkiezingen en dus makkelijker kan toegeven dan cdH, dat status quo bleef en zich existentiële vragen mag beginnen stellen bij een eventuele nederlaag na machtsdeelname.

Laatste voordeel dat CD&V heeft is de liberale zweeppartij Lijst Dedecker die vanuit de oppositie druk op de ketel kan zetten voor hervormingen, wat niet onbelangrijk is om vakbonden en andere belangengroepen tot toegevingen te dwingen.

Echter ontloopt CD&V tot nu toe volstrekt haar verantwoordelijkheid. In de nota’s van formateur Yves Leterme wordt bijzonder weinig aandacht besteed aan de hervormingen die het land van het verstikkende staatsjuk moeten bevrijden, en waar de mainstream in Vlaanderen nochtans al meer dan twintig jaar op hamert.

Bovendien is over het communautaire luik zelfs nog minder beweging te merken, hoewel dat niet op conto van CD&V mag worden geschreven, maar het de Franstalige partners zijn die hier met vuur spelen. De kern van het communautaire dossier is budgettair. Op dit moment krijgen de deelstaten te veel geld voor de taken die ze hebben en verspillen zij naar hartelust de zuur verdiende centen van de burgers. Waarna ze zich op de borst kloppen geen begrotingstekort te hebben. De oplossing is overduidelijk voor iedereen: de deelstaten moeten stoppen met hun onzinnige uitgaven en moeten integendeel via een staatshervorming de vergrijzingschulden (en dus de sociaal-economische bevoegdheden pensioenen, gezondheidszorg en kinderbijslagen) overnemen van de federale overheid, die anders onherroepelijk failliet gaat, wat een ramp zou zijn voor de vele belastingbetalers die zo lang hebben bijgedragen voor pensioen en sociale zekerheid, en hier ook op rekenen. De tijd waarin de deelstaten de vergrijzingsfondsen door ramen en deuren naar buiten gooien, moet stoppen.

CD&V moet de koe bij de horens vatten: er moeten grote hervormingen op fiscaal, administratief en sociaal gebied komen. De Franstaligen moeten stoppen met “non” zeggen en moeten akkoord gaan om de vergrijzingschulden van de federale overheid naar de rijke deelstaten over te brengen. Indien dit niet gebeurt, blijft Open VLD misschien beter uit een regering die niet van de afwezigheid van de PS profiteert, en moet de PS maar terugkomen, zodat in 2009 de christendemocraten liefst bijzonder zwaar worden afgestraft voor hun nalaten.

Saturday, June 23, 2007

A big defeat for freedom and democracy


Early this morning the 27 government leaders of the EU reached a compromise on how a new European Treaty should look like. The intention was to revive the "dead" European Constitution by keeping all of its essential changes in a new compromise. This despite the French and Dutch "No" - votes in 2005.

What does this compromise, that will dramatically centralise decision making and threaten freedom and democracy all over the continent, if it would be implemented, entail?

- Some symbolic, non-essential things will be scrapped, as the name "Constitution", the simplification of the legal content, the preamble with all the fuzz whether God is or is not at the origin of European civilisation and also the reference to a European flag and anthem.

- The number of domains where member-states will loose their right to veto legislation remains quasi intact as compared to the Constitution: energy, tourism, space policy and transport are only some of the few domains where the EU will achieve more power, because member-states will loose their veto powers. A centralised migration policy will become possible. Also an EU attorney-general is now feasible, although the UK keeps it veto on justice matters. Veto’s luckily remain intact over foreign policy, defence and the EU budget.

- From 2009 on, there will be a permanent President of the EU and a Minister for Foreign Affairs (although some bureaucratic name will be given to the latter).

- The primacy of EU law has been confirmed.

- The Qualified Majority Voting system (used where member-states don’t have vetoes) will change from 2017 on, as it will then become more easy to make decisions: a majority of 55 per cent of member-states will suffice if this majority represents 65 per cent of the EU’s population.

- The Charter of Fundamental Rights (containing amongst other the “human right” on paid vacation) will become binding for member-states (except for the UK)

- France made sure that a key clause stating that it was an objective of the union to ensure an internal market "where competition is free and undistorted" will be scrapped. Although still legally unclear, some predictions say this could mean the end of the single market, as judges would now have to allow governments to subsidise, regulate and prevent competition.

- One positive change is that national parliaments will get a say in the law making process through an alarm procedure, as the non-elected European Commission will have to drop a proposal if a majority of national parliaments, 55% of member-states and a majority in the European Parliament decides so.

- The EU will obtain a single legal personality, which will make it possible to agree on international treaties, which shapes the EU more and more into a "state".

Important is to know that this summit was not an intergovernmental conference (IGC), but only an ordinary European Council of Heads of State and Government. This has relevance because states are only allowed to agree treaties when this happens in an IGC.

As the tonight agreement makes clear:

"The European Council invites the incoming Presidency to draw up a draft Treaty text in line with the terms of the mandate and to submit this to the IGC as soon as it opens."

Further in the conclusions we find:

“The present mandate will provide the exclusive basis and framework for the work of the IGC that will be convened according to paragraph 10 of the European Council conclusions."

Information thanks to the EU Referendum Blog, which claims that this constitutes a coup d'état. What is certain, is that this statement has no legal value whatsoever. The IGC is separate from the European Council (for example European Commission President José Manuel Barroso will not be present there) and because of that the IGC has not any restriction to totally abort the compromise that has been achieved.

Politically one could argue that it is likely that the IGC will just voluntarly do what the European Council asks, but that is not so sure, as it will be Gordon Brown that will determine the UK position then, and not Tony Blair any more. Brown is definitely more euro-sceptic and torpedoing the whole European Constitution thing could provide him with a lot of political capital. New EU president Portugal wants to have a – real – IGC deal in october , so with Gordon Brown in charge there is a chance that the compromise won’t survive the IGC.

However the biggest hurdle to take for euro-centralists will be avoiding new referendums. The other side of the medal that the content of the European Constitution has been safeguarded is that this makes the claim less credible that a referendum is not needed, in the UK, Netherlands or France. Gordon Brown will have to announce what his position is on the referendum question, at least after an eventual adoption by the IGC of the proposed compromise. Nicolas Sarkozy has already ruled out a referendum, and in the Netherlands the judges of the “Council of State” will have to decide on the question. Also Denmark and Ireland are legally obliged to have referendums if their sovereignty is affected, although they are doubting if they will hold one. Maybe other governments, or newly elected governments, will decide that a referendum will have to be organised, so there is still room for European Democray to stand up and resist.

Tuesday, June 19, 2007

Via een mottenballentaks met opbrengst voor de belastingsbetaler naar een nieuwe privatisering van Electrabel


Via de staatsschuld en belastingen betalen burgers voor de massale investeringen die in het verleden gebeurd zijn om kerncentrales te bouwen. Nu profiteert Electrabel-Suez hiervan, dus moeten ze ook een deel bijdragen door een mottenballentaks. Indien de opbrengsten van een mottenballentaks enkel worden gebruikt voor de vermindering van de personenbelasting kan zo'n maatregel een oplossing bieden.

De recente prijsverhoging van Electrabel-Suez doet heel wat stof opwaaien.

De vraag die eenieder zich moet stellen, is waarom er geen behoorlijke concurrentie is. Het feit dat de productie voor 70 % in handen blijft van Electrabel, verhindert concurrentie op de Belgische markt.

Opsplitsen zal volgens Electrabel-Suez niets bijbrengen omdat gebrek aan productiecapaciteit de oorzaak van de hoge prijzen is. Electrabel-Suez verhoogt die productiecapaciteit in de buurlanden, maar niet in België, omdat "politici niet voor een stabiel klimaat hebben gezorgd", verwijzend naar de onzekerheid over de kernuitstap en de dreiging van een mottenballentaks.

Electrabel-Suez heeft een punt in verband met de onzekerheid van de kernuitstap. Best terugdraaien, zoals het nieuwe rapport van de commissie-Energie ook stelt.

Test-aankoop stelt dat de privatisering van Electrabel-Suez onvolmaakt was. Wat doet denken aan de privatiseringen in het voormalige Oost-blok in de jaren negentig, waarbij ambtenaren zich feitelijk de staatseigendommen toe-eigenden. Ook is dit bij de privatisering van kerncentrales in België dus gebeurd: de Electrabel-ambtenaren kregen de kerncentrales waar wij zoveel voor betaalden en via de staatsschuld nog steeds voor betalen, voor een appel en een ei.

Voorstellen om de nucleaire capaciteit van Electrabel-Suez eerlijker te verdelen, moeten we op scepsis onthalen. Wat is de garantie op een eerlijke privatisering ditmaal?

Een beter voorstel is om een eerlijke prijs te laten betalen door Electrabel-Suez, via een mottenballentaks, maar dan wel één waarvan de opbrengt onmiddellijk tegoed komt aan de eigenaars van de kerncentrales, en dat zijn de Belgische belastingsbetalers. Dit via een eenmalige korting op de personenbelasting. Indien Electrabel-Suez vindt dat die taks te hoog is, kunnen ze nog steeds een deel van hun nucleaire activa van de hand doen. De belastingsverlaging moet de burgers dan weer beschermen tegen mogelijke doorrekenoperaties van Electrabel-Suez.

Ongetwijfeld is het bepalen van de juiste prijs voor de privatisering veel haalbaarder dan het bepalen van het juiste marktevenwicht, wat nodig is bij een herverdeling van de nucleaire capaciteit. Door een hoge taks zal het de markt zijn die bepaalt wat de meest efficiënte manier is om electriciteit te verdelen: door één dominante speler, of door meerdere kleinere spelers.

Grootste bezwaar is dat deze maatregel de stabiliteit van internationale investeringen in ons land zou kunnen aantasten. Een zo ver mogelijk terugdringen van de overheid in vitale sectoren is de enige duurzame garantie om dergelijke maatregelen op lange termijn te moeten vermijden.

Thursday, June 14, 2007

De kiezer vraagt een roomsblauwe beleidsrevolutie - Cetero censeo PS delendam esse



De verkiezingen van 10 juni hebben gezorgd voor een momentum. Het momentum om eindelijk af te rekenen met de PS – staat, en broodnodige hervormingen door te voeren in ons land. Bij de regeringspartijen werd sp.a (- 3,4 %) in vergelijking met 2004 zwaarder afgestraft dan VLD (-1,0 %). Oppositiepartijen Groen! (-1,1 %) en zeker Vlaams Belang (-5,1 %) konden hiervan echter niet profiteren. Integendeel verovert de liberale Lijst Dedecker meteen 6,5 % en groeit het Vlaams Kartel CD&V/N-VA tot bijna 30% van de stemmen (+3,5%). In Wallonië en Brussel verslaat Didier Reynders, de Waalse Sarkozy, overtuigend de PS. De cdH blijft status-quo, en Ecolo wint sterk.

Belangrijkste politiek feit is dat een roomsblauwe meerderheid zonder de PS mogelijk is. Het gegeven dat de PS incontournable was, beperkte in het verleden vele mogelijkheden. Van de federale regering kon per definitie niet veel heil komen, want de PS was er in aanwezig. De VLD heeft eerlijk het één en ander bereikt, maar binnen de grenzen die de PS toeliet. Nu is het denkbaar dat N-VA ook zonder megastaatshervorming het zich electoraal kan permitteren om in de regering te stappen, zodat een beleid als in Oostenrijk of Ierland kan worden gevoerd.

MR en cdH zullen tijd nodig hebben om een staatshervorming goed te keuren, maar dat zij een regering zonder PS kunnen vormen, beseffen zij maar al te goed. Even zei Joëlle Milquet dat ze niet in de regering met de N-VA wilde, maar al te gauw werd zij door partijgenoten Wathelet en Antoine eraan herinnerd dat cdH slechts een matig resultaat heeft behaald en eventueel inwisselbaar is voor Ecolo. De sfeer in cdH ademt “Belgique à papa” uit en het vooruitzicht op machtsdeelname is in die partij een niet te versmaden lokmiddel, dit in tegenstelling tot de Vlaams-nationale partijen, die macht terecht wantrouwen.

CD&V ziet tot op heden met gemengde gevoelens tegemoet naar een roomsblauwe regering. De dominante ACW-vleugel vreest voor haar privileges, en rekende eigenlijk op een travaillistische regering. Dat was buiten de MR gerekend. Didier Reynders coördineerde de opstand, Olivier Chastel voerde het veldwerk uit door de maffieuze praktijken in Charleroi naar buiten te brengen, en Alain Destexhe heeft onmiskenbaar met zijn boek “Wallonie: la verité des chifres” de grondstroom in Franstalig België in gunstige richting doen evalueren.

Roomsblauw heeft 81 op 150 zetels, en verliest die meerderheid indien N-VA het Vlaams Kartel verlaat. Het feit dat CD&V en N-VA één fractie in de Kamer zullen vormen, zal die afscheuring alleszins niet bespoedigen. Dat een staatshervorming zeker moet kunnen lukken, eveneens. Want niet alleen is er voor MR en cdH de aanlokkelijke mogelijkheid om het zonder de PS te doen, de tweederde meerderheid van 100 zetels kan bovendien nipt bereikt worden met sp.a (14 zetels) en Lijst Dedecker (5 zetels). Alternatief kunnen de 12 zetels van de groene partijen aangewend worden.

Brussel-Halle-Vilvoorde splitsen moet politiek haalbaar zijn. Niet enkel winnen de Franstaligen hierdoor zetels in Brussel, bovendien duidde MR reeds aan om het ultieme voorstel uit 2005, dat inschrijvingsrecht in Brussel voor de Franstaligen uit de Rand inhield, opnieuw op tafel te willen leggen. Toen schoot Spirit dit voorstel af, maar zouden veel mensen van dit inschrijvingsrecht gebruik maken? Wellicht niet.

Om de verfransing van Brussel en de Rand tegen te gaan, moet de Vlaamse beweging misschien wat meer innovatief gaan nadenken. De Brusselse Vlamingen behelzen nu nog slechts 11% van Brussel. Franstalige partijen zullen nog steeds opkomen in Halle-Vilvoorde, dat staat vast, want in Halle-Vilvoorde wonen 22% Franstaligen.

De splitsing van het kiesarrondissement is belangrijk, want het is een stap naar een drie-staten-oplossing voor de communautaire problematiek (Vlaanderen, Brussel, Wallonië). Een onafhankelijk Brussel (wat dus een stadstaat naar het model van Luxemburg is, en niet naar het gefaalde model van Washington D.C.) is misschien wel de beste garantie voor de rechten van Vlamingen in Brussel, zoals Brusselse Vlaming André Monteyne ooit schreef.

De Walen zullen alleszins moeten inzien dat ze deze zomer – en dus niet in 2009 – zullen moeten akkoord gaan om bepaalde bevoegdheden af te staan naar de deelstaten. Dat het om kerneconomische bevoegdheden gaat, zoals sociale zekerheid, pensioenen, arbeidsuitkeringen en sociaal overleg, en niet om marginale zaken, zoals ontwikkelingssamenwerking, moet ook duidelijk zijn.

Reynders zal dus zijn drogargument dat men beter de PS en haar deelstaatregeringen geen bevoegdheden bezorgt, moeten inslikken. Niet alleen de politieke kracht van het electoraal signaal van 10 juni zal daar voor zorgen, maar nog meer het feit dat de federale overheid dankzij het Lambermont-akkoord virtueel op weg is naar het faillissement, zeker aangezien de internationale rente zal stijgen. De deelstaten hebben massaal veel middelen, en geven dit uit aan allerlei ongevraagde zaken, dit terwijl de burger zich blauw betaalt aan belastingen zodat de federale overheid toch enigszins haar schulden aan die burger op vlak van eerste pijler-pensioenen en sociale zekerheid kan voldoen.

De oplossing is overduidelijk voor iedereen: de deelstaten moeten stoppen met hun onzinnige uitgaven en moeten integendeel via een staatshervorming de schulden (en dus de sociaal-economische bevoegdheden pensioenen, gezondheidszorg en kinderbijslagen) overnemen van de federale overheid, die anders onherroepelijk failliet gaat. Aangezien de huidige middelen daarvoor toch niet zullen volstaan, moeten de deelstaten aanzienlijke fiscale bevoegdheden krijgen, wat een beslissende stap zal zijn naar het einde van België.

Naast de niet af te wenden regionalisering van ons land, heeft de kiezer, hierbij aangezet door een internationale tendens, de politici het signaal gegeven dat de tijd van verspillingen voorbij moet zijn, door het zwaar afstraffen van de socialistische partijen. Die kunnen misschien nog terugkomen door een rechts-populistisch programma over te nemen, zoals de SP van Marijnissen in Nederland deed, maar in de brave new world die de globalisering ons schenkt, steken ze beter alle ideologische onzin uit het verleden in de vergeetput.

De roomsblauwe regering moet dan ook, spijts wat het ACW daarover mag denken, een beleidsrevolutie doorvoeren:

1. Massieve lastenverlaging

Allereerste prioriteit is een zware verlaging van de vennootschapsbelasting. Nog meer dan een liberale keuze is dit een economische noodwendigheid, gezien de drastische fiscale concurrentie die op dit ogenblik plaatsvindt in Europa. Het begon bij Ierland en de Oost-Europese tijgers, en nu heeft het ook de grenzen van België bereikt, aangezien ook Frankrijk, Nederland en Duitsland op dit vlak hervormingen doorvoeren.

Toegegeven, België heeft met de notionele intrestaftrek een feitelijke venootschapsbelastingsverlaging naar 25% gedaan, maar dit zal niet genoeg zijn. Amcham luidt de alarmbel over de Amerikaanse investeringen in België en op één van hun lunches vraagt Alain Zenner (MR) dat dit tarief naar maximaal 15% gaat. Beter zou wellicht zijn om de vennootschappenbelasting volledig af te schaffen, eventueel gecombineerd met het afschaffen van aftrekposten of speciale gunstmaatregelen. Dit zou België ineens op de kaart zetten als ondernemingsvriendelijk land, en in tegenstelling tot de moeilijk communiceerbare “notionele interestaftrek” de beste reclame zijn voor buitenlandse investeerders die ons land zich kan dromen. Om nog maar te zwijgen van de weldadige effecten op binnenlandse ondernemingen en starters.

Los daarvan moet uiteraard ook een zware verlaging van de personenbelasting gebeuren, die dus NIET mag gepaard gaan met een verhoging van BTW, om redenen uiteengezet hier. Naast fiscale concurrentie is het belangrijkste argument daarvoor het eigendomsrecht: van januari tot juni voor de staat werken is immoreel, zeker wanneer men weet dat België abonimabel scoort in termen van overheidsefficiëntie. Wat ons brengt tot de tweede grote prioriteit voor de nieuwe regering: besparen, besparen en nog eens besparen. Om al die lastenverlagingen te kunnen betalen.

2. Besparen, besparen, besparen

Daarmee zal de nieuwe coalitie in rechtstreekse aanvaring komen met het hart van sp.a en PS: de overheidsvakbonden. Volgens Geert Noels in Trends berekende de ECB dat de Belgische staat maar liefst 34 % zou kunnen besparen, en toch hetzelfde eindresultaat zou kunnen garanderen. Eén derde van de jaarlijkse uitgaven door de overheid moet dus terug naar de burger. We hebben dus allereerst een zeer sterke Minister van Begroting nodig.

3. Copernicus 2.0

Alle vaste benoemingen moeten worden afgeschaft, zodat ambtenaren uitvoeren wat democratisch beslist is, en de kabinetten ook kunnen verdwijnen. Het is de evidentie zelve, en wordt nu ook politiek mogelijk met het verdwijnen van de PS uit de regering. PS’ers Marie Arena en Christian Dupont kunnen zich voortaan met andere, ongetwijfeld nuttiger zaken bezighouden dan met het tegenhouden van hervormingen van de administratie.

4. Generatiepact 2.0

Forse deregulering van de arbeidsmarkt, gecombineerd met het niet langer bindend verklaren van C.A.O.’s. Met ons systeem van sociaal overleg is op zich niets verkeerd, maar wanneer een bedrijf zich wil onttrekken aan de beslissingen die weinig legitieme “sociale partners” hen opleggen, moet dat kunnen. VBO & FGTB, eat your heart out.

5. Sociaal-economische aanpak van de vreemdelingenproblematiek

Tot nog toe werd de vreemdelingenproblematiek op een totaal verkeerde manier aangepakt. Via repressie, bureaucratie en vooral gebrek aan aanpak werden collectivistische waanbeelden in beleid omgezet. De ogen moeten nu opengaan dat de vreemdelingenproblematiek nauw verbonden is met onze uitkeringsstaat, en dus moeten werkloosheidsvallen nu voor eens en altijd worden weggewerkt. Die werkloosheidsvallen (kindergeld, onbeperkte werkloosheidssteun, …) zijn vooral nefast voor de vierde wereld die in ons land meer en meer uit mensen van vreemde origine bestaat. Yves Leterme moet zijn Rerum-Novarum belofte van 2 miljard euro uitkeringen dus inslikken, ter wille van het goede samenleven. Werkloze migranten integreren namelijk niet.

Daarnaast is een even belangrijke stap noodzakelijk, namelijk het invoeren van een green card – systeem dat aan de noden van onze arbeidsmarkt moet voldoen. Migratie is fundamenteel iets positiefs, zoals Philippe Legrain stelt, en aangezien we economische zelfmoord plegen zonder migratie, kunnen we beter het onderliggend uitkeringssysteem dat integratie verhindert aanpakken.

6. Openhouden van de kerncentrales

Nauwelijks het vermelden waard, en zoals iedereen weet het schaamlapje voor de groenen in 1999. Leuk dat de CO2 – manie in deze discussie tegen de groenen kan worden gebruikt, zoals Electrabel doet. Het afval is er, of men de centrales nu vroeger sluit of niet, dus laat ons ze dan openhouden. Voor de rest moet de overheid zich zo weinig mogelijk bemoeien met onze energievoorziening, alhoewel daar natuurlijk ook een geostrategische kant aan zit. Maar dat is een andere discussie.

7. Afschaffing van het CGKR en opheffing van alle vrije meningsbeperkende wetgeving

Discriminatie, racisme en negationisme zijn ongetwijfeld afkeurenswaardig (hoewel discriminatie soms net de mooiste dingen des levens mogelijk maakt), maar in een rechtsstaat is dat geen voldoende reden om ze te bestraffen. Het succes van Lijst Dedecker maakt duidelijk dat een groeiende groep in de bevolking zich stoort aan deze extreem-linkse inperkingen van de vrijheid, waartoe de jacht op de automobilist en het rookverbod ook behoren. Gehoor aan geven dus.

8. Volledige privatisering van Belgacom

Een recente enquête van Test-Aankoop maakt duidelijk dat internet in België veel te duur is in verlijking met de buurlanden. Als voornaamste oplossing stelt Test-Aankoop om Belgacom (en ook Telenet) te privatiseren. Doen dus. Het kan het gebruik van internet, dat een vitale functie bekleedt in de economie, enkel ten goede komen.

9. Rem de privatisering van de gezondheidszorg niet af

Van alle Europeanen betalen Belgen procentueel het meest zelf (naast het belastingsgeld) voor hun ziektezorg. Als de gezondheidszorg hier zo goed is, zou dat dan daar niets mee te maken hebben? Of met het feit dat vele spelers (ziekenhuizen, dokters, …) private spelers zijn? De regering mag dus geen verstaatsing van de gezondheidszorg laten gebeuren. Integendeel moet de lastenverlaging de burgers de mogelijkheid geven om zich privaat te verzekeren. Dat laatste wordt noodzakelijk gezien de onvermijdelijke evolutie naar een systeem met meerdere snelheden, dat enkel een overheidssysteem ZONDER SNELHEID als alternatief heeft.

10. Hervorming van Justitie

De PS – protectoraten in het Justitieel apparaat worden opeens heel kwetsbaar, hoewel Justitie wellicht nog jaren politieke benoemingen zal mogen uitzweten. Het excuus om die te doen omdat de PS het ook deed is alleszins verdwenen.

De PS hield onder meer het voorstel van Marc Verwilghen om bemiddeling te veralgemenen tegen. Deze remedie, die destijds het Amerikaanse Justitie-apparaat van de ondergang heeft gered, is een wondermiddel tegen gerechtelijke achterstand: geef partijen de mogelijkheid om zelf hun rechter aan te duiden. Wat al jaren gebruikelijk is in het internationaal zakenleven, moet ook mogelijk worden voor de gewone burger.